Medisch-specialistische zorg in 20/20: Dichtbij en ver weg

Bibliotheek (Redactie Bibliotheek) vrijdag 28 oktober 2011, 15:57
Thema's:

RVZ. Medisch-specialistische zorg in 20/20. Dichtbij en ver weg. Den Haag: RVZ, 2011.

Urgentie van verandering: de andere zorgvraag
Het landschap van medisch-specialistische zorg 2020 ziet er wezenlijk anders uit dan nu. De noodzaak tot verandering komt voort uit het gegeven dat de zorgvraag de komende jaren fors toeneemt, terwijl de beschikbare financiële ruimte om die zorgvraag op te vangen beperkt is en blijft. Daar komt bij dat de zorgvraag verandert: steeds meer chronisch zieken, die bovendien vaak meerdere aandoeningen tegelijkertijd hebben.

Zorgnetwerken, geen ziekenhuizen: ontkokering
Een vergezicht op de medisch-specialistische zorg anno 2020 toont het beeld van zorgnetwerken, waarin verschillende zorgprofessionals samenwerken, onderling en met hun patiënten, om integrale zorg te kunnen bieden. Hoewel de zorgnetwerken op verschillende wijzen georganiseerd zijn en qua samenstelling variëren in de loop der tijd, hebben zij gemeen dat ze een geografische oriëntatie hebben als het gaat om het leveren van zorg. Die moet immers dichtbij geleverd worden als het kan en ver weg als het moet.

Een gelaagd zorgnetwerk
Concreet betekent dit dat er altijd een 24x7 gezondheidscentrum dichtbij de burger is, waarin de coördinatie van de gehele keten van verpleging en verzorging en chronische ziekenzorg plaatsvindt. In deze centra zijn poliklinische voorzieningen geïntegreerd. Hieraan gekoppeld zijn reguliere medische vervolgvoorzieningen met specifieke indicatiegebieden. Dit zijn soms mono-, soms multidisciplinaire groepspraktijken van zorgprofessionals; soms ZBC’s, thema- of focusklinieken. In ieder netwerk participeren een of meer topklinische ziekenhuizen of topreferente functies. De “bijzondere medische”, hoogcomplexe, zeer kapitaalintensieve functies en de
opleidingstaken zijn tussen deze ziekenhuizen verdeeld.

Gezondheidscentra: opschalen
Om het vergezicht te realiseren is een substantiële, maar primair zorginhoudelijke, opschaling van de ‘eerstelijns’-zorg noodzakelijk: de uitrol van gezondheidscentra over het land, en de vestiging van medischspecialistische voorzieningen in deze centra.

Ziekenhuizen: keuzes doen; specialisatie of algemeen
Ziekenhuizen zullen keuzes moeten maken in hun functieprofiel. Ze bieden niet meer de volle breedte van het palet aan medisch-specialistische functies aan. Daarom vormen zij altijd een onderdeel van een zorgnetwerk waarin ook een universitair medisch centrum (UMC) of topklinisch ziekenhuis actief is. De UMC’s werken onderling veel meer dan nu samen. Hetzelfde geldt voor de topklinische ziekenhuizen onderling en voor UMC’s en topklinische ziekenhuizen onderling. Het gaat hier om enkele tientallen instellingen die de topreferente en –klinische functies hebben verdeeld op basis van een landelijke systematiek. Hier berust het label “algemeen”. Ziekenhuizen zonder dit label functioneren in een zorgnetwerk.

Een nieuw gelaagd netwerk voor spoedzorg
Tenslotte is het noodzakelijk een multilevel spoedeisende hulp tot stand te brengen; een zorgcontinuüm bestaande uit huisarts (HAP, HAP+), de ambulance-hulpverlening, de klinische spoedeisende hulp, de IC en de traumazorg. De bereikbaarheid en de beschikbaarheid van de huisarts bij spoedvragen moet aanzienlijk verbeteren, in de eerstelijn, maar ook door zijn fysieke aanwezigheid op de SEH.

Dat komt er niet vanzelf
Gegeven de forse implicaties van het nieuwe landschap, ontstaat dit spoedzorgnetwerk niet vanzelf. Het huidige zorgstelsel en de beleidsvoornemens van het kabinet om de risico’s substantieel te verleggen naar zorgaanbieders en zorgverzekeraars vormen een goede basis voor verandering, maar zijn onvoldoende om de gewenste ordening tot stand te brengen. Daarvoor is meer nodig.

Kwaliteitsinstituut: de beslissende factor
Het vergezicht kan alleen werkelijkheid worden, indien er publieke kwaliteitsnormen zijn. Het Kwaliteitsinstituut in oprichting dient dan ook te worden belegd met de noodzakelijke doorzettingsmacht om normstelling door professionals te bewerkstelligen en, zo nodig, af te dwingen. De hoogleraren geneeskunde moeten een leidende rol spelen in dit proces, vooral ook in de compliance aan norm en standaard.

Vervang DBC/DOT door sturing op gezondheid
Verder is nodig dat de bekostiging van medisch-specialistische zorg zo snel mogelijk plaatsvindt op basis van gerealiseerde uitkomsten; op basis van gezondheids-winst dus. Zolang beloning plaatsvindt op basis van een verrichtingensysteem (DBC/DOT) is de prikkel vooral om zoveel mogelijk te doen. Daarbij moet in de bekostiging nader onderscheid gemaakt worden tussen (relatief) eenvoudige, gestandaardiseerde en de meer complexe medisch-specialistische zorg. Zorgverzekeraars zijn hiermee aan zet. Tenslotte is het noodzakelijk dat in de financiering van eerste en tweede lijn prikkels voor substitutie ontstaan. Dat kan een combinatie van keten-dbc’s, afschaffen ex post verevening en integrale prestatiebekostiging zijn.

Samenwerking kan, mits nodig voor kwaliteit en gekoppeld aan keuzes
Ziekenhuizen zullen keuzes moeten maken in hun zorgaanbod: doen waarin ze goed zijn, overlaten aan anderen waarin ze minder goed zijn. Ook hier is een rol weggelegd voor de zorgverzekeraars, maar geen exclusieve rol. Zorgaanbieders kunnen met elkaar samenwerkingsafspraken maken, ook over verdeling van zorgfuncties. Voorwaarde is wel dat de samenwerking ten goede komt aan de kwaliteit van zorg. Zorgaanbieders moeten dit vooraf onderbouwen en hun voornemen voorleggen aan de NZa, die beoordeelt wat de effecten zijn op kwaliteit, bereikbaarheid en doelmatigheid van de zorg. De NMa volgt bij toetsing aan het kartelverbod het oordeel van de NZa.

Spoedeisende hulp ziekenhuis: wettelijke regeling
Om een multi-level spoedeisende hulp te realiseren, moet de SEH-functie van ziekenhuizen onder de werking van een wettelijke regeling worden gebracht. In deze regeling worden gebiedsindeling, regiobudget, prestatiecriteria en zorgstandaard geregeld. Alleen grote (dus algemene) ziekenhuizen en UMC’s beschikken over een SEH-afdeling. Per regio is een grote SEH voldoende. De zorgaanbieders in een SEH-netwerk verdelen de taken binnen de multi-level spoedeisende hulp op basis van een protocol met wettelijke status. Spoed-hulp (niet zijnde de klinische SEH) behoort tot het verplicht takenpakket van een gezondheidscentrum (cq. HAP) en wordt op reguliere wijze ingekocht door zorgverzekeraars.

Lees hier het volledige advies van het RVZ



Stuur door


Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit bericht.

Reageer zelf op dit bericht



Code (verplicht)




Nooit meer de code overtypen?
Meld je aan of log in.