Nachtinzet MMT met Helicopter, nodig en mogelijk?
Bibliotheek (Redactie Bibliotheek) donderdag 1 november 2007, 12:37- Ambulancezorg |
- Onderzoek |
- Organisatieperspectief |
- Doorgeklikt: 449 keer
- | Nog geen reacties
TRO UMC St Radboud: Nachtinzet MMT met Helicopter, nodig en mogelijk? Nijmegen: TRO; 2007
Het project “Nachtinzet MMT met Helicopter, nodig en mogelijk?” is opgezet om inzicht te krijgen in de behoefte aan MMT-zorg in de nacht en om in de praktijk vast te stellen of de helicopter ook in het donker een effectief vervoermiddel kan zijn binnen de MMT-zorg. In deze eindrapportage wordt dit inzicht verschaft.
Vliegen in het donker.
Deze pilot-studie heeft aangetoond, dat er in het donker veilig en verantwoord gevlogen kan worden met een helicopter. De helicopter is ook in het donker een functioneel vervoermiddel voor het MMT. De effectiviteit van de helicopter neemt weliswaar af, maar is op de langere afstand nog steeds groter dan die van een vervoermiddel over de grond.
Veilig vliegen in het donker vraagt een zorgvuldige en gedegen aanpak en voorbereiding. Het concept waarbij vlieger en navigator vliegen met Night Vision Goggles (NVG) heeft uitstekend voldaan. De term “nacht” wordt gemakshalve beschouwd als de tijd tussen 19.00 en 07.00 uur. In de praktijk wordt gewerkt met daglicht en donker. In de winter geeft dit een grotere vraag en in de zomer een kleinere vraag. Globaal werkt een en ander compenserend op elkaar.
Samenwerking hulpdiensten.
MMT-zorg heeft na de invoering van een landelijk netwerk van vier parate teams met helicopter in 2001 een plaats gekregen in de keten van Spoedeisende Medische Hulpverlening (SMH). De samenwerking met partners in die keten is in de loop der jaren sterk verbeterd. Ambulancezorg en MMT-zorg leveren samen hoogwaardige acute hulp die deels aanvullend en deels ondersteunend aan elkaar is en de basis vormt voor de overleving en het herstel van de levensbedreigde patiënt. Deze samenwerking wordt in het donker voortgezet. De pilot laat ook zien, dat andere partners- als brandweer en politie- zich inspannen om ook deze vorm van hulpverlening optimaal te laten verlopen. Iedere vraag om vervolgtransport van het MMT in de bebouwde kom werd door deze diensten gehonoreerd. Ook op andere wijzen werden hand- en spandiensten verricht die
hebben bijgedragen aan de kwaliteit van de patiëntenhulp.
Behoefte aan MMT-zorg.
Onderzoek van het RIVM laat zien, dat er ook in het donker behoefte is aan MMT-zorg. Deze vraag is weliswaar minder dan overdag, maar nog altijd aanzienlijk. Het RIVM heeft vanuit meerdere invalshoeken gekeken naar de behoefte aan MMT-zorg. Dit heeft mede, ook vanwege de kwaliteit van de beschikbare gegevens, geleid tot uiteenlopende getallen. Al deze cijfers afwegend hebben wij gemeend, dat het gaat om een geschat aantal van 1800 – 2100 MMT-oproepen die leiden tot 1000 – 1200 MMT-inzetten.
Het is mogelijk deze vraag goed af te dekken. Hiervoor wordt een 24 uurs-scenario met bijbehorende kosten gepresenteerd.
Gezondheidswinst.
Het is helaas niet mogelijk gebleken om binnen het kader van deze pilot een kwalitatief goed onderzoek naar de gezondheidswinst ten gevolge van MMT-zorg uit te voeren, dat een waardevolle toevoeging is aan de bestaande nationale en internationale onderzoeken die op dit thema reeds zijn uitgevoerd. Enerzijds vanwege een te korte onderzoeksperiode hiervoor, anderzijds vanwege medisch, ethische bezwaren die een gerandomiseerde studie met zich mee zou brengen. Dit betekent niet dat er geen onderzoek meer moet plaats vinden, in tegendeel, dit valt echter buiten “de scope” van deze pilot. Het is duidelijk geworden, dat er zeker behoefte is aan nader onderzoek in de keten van Spoedeisende Medische Hulpverlening. Dit onderzoek vraagt om gezamenlijke initiatieven van de ketenpartners rond onderzoeksthema’s, benodigde gegevens, registratie en beheer. Het onderzoeksprogramma Spoedzorg (van Baar, Giesen, Grol en Schrijvers, april 2007) kan hiervoor wellicht het kader bieden en kan daarnaast mogelijk de Landelijke Traumaregistratie tot een geschikt instrument maken.
CONCLUSIES
• WERKGROEP MMT-NETWERK.
Deze pilot heeft inzichten opgeleverd op grond waarvan verantwoorde besluitvorming kan plaatsvinden met betrekking tot een structureel MMT-netwerk in Nederland.
Een opdracht om met de bouwstenen uit deze pilot en de daglichtpraktijk een nader voorstel te ontwikkelen voor een MMT-netwerk, dat aansluit bij de behoefte en mogelijkheden kan concrete voorstellen opleveren ter besluitvorming door het Ministerie.
• ONDERZOEK SPOEDEISENDE MEDISCHE HULPVERLENING.
Deze pilot maakte duidelijk, dat het bijzonder moeilijk is om gedegen onderzoek te doen binnen de keten van Spoedeisende Medische Hulpverlening. Belangrijkste redenen zijn de versnippering van onderzoeksinitiatieven, afwezigheid van eenheid van taal en definities en dataverzameling. Ook verschilt de kwaliteit van de gegevens uit de verschillende databases. VWS, LvTC en Ambulancezorg Nederland nemen initiatieven om te komen tot versterking van het onderzoek in de keten van Spoedeisende Medische Hulpverlening. Het beantwoorden van de vraag naar de effectiviteit van de keten –als totaal- in termen van gezondheidswinst moet daarbij centraal staan.
• GEBRUIK MMT-ZORG.
Het evaluatie-onderzoek laat zien, dat er sprake is van grote regionale verschillen in het benutten van de MMT-zorg. Er is geen duidelijke verklaring voor deze regionale verschillen. Elementen die een rol spelen zijn de kwaliteit en uniformiteit van de inzetcriteria, de individuele toepassing hiervan binnen de Meldkamer AmbulanceZorg (MKA), tijdsafstandverval en aanbodgestuurde vraag. Een digitaal MMT-inzetvoorstel, op basis van AVLS/GIS, kan de MKA-centralist(e) ondersteunen bij zijn/haar beslissing.
Ambulancezorg Nederland en de Traumacentra dienen hiertoe op korte termijn initiatieven te nemen. Het onderzoek laat ook een toename van het aantal inzetten zien. Deze lijkt te ontstaan door de vergrote beschikbaarheid en de (opgedane) ervaringen met de samenwerking.
• HEMS-HELICOPTERS IN HET DONKER.
De pilot heeft aangetoond dat het mogelijk, verantwoord en nuttig is dat parate MMT’s ook in het donker ondersteund worden door helicopters. De effectiviteit is niet even groot als overdag, maar op de langere afstand beter dan vervoer over de weg. Om structureel gebruik van helicopters in HEMS-operaties mogelijk te maken, zal wet- en regelgeving
moeten worden aangepast. De theorieopleiding van de HEMS Crew Members draagt positief bij aan de kwaliteit van de functie. Belangrijk is dat deze algemene opleiding beter wordt toegesneden op deze specifieke functie en omstandigheden. De Ministeries van VWS en Verkeer en Waterstaat, de betrokken traumacentra en Medical Air
Assistance/ANWB zullen hierover afspraken moeten maken.
• LOGISTIEK HEMS-HELICOPTERS IN HET DONKER.
Om optimaal rendement te halen uit de helicopter is het belangrijk, dat alle logistieke omstandigheden kloppen. Bij een structureel gebruik van de helicopter in het donker, en zeker in de nachtelijke periode tussen 23.00 en 07.00 uur, is het belangrijk dat:
- er voldoende faciliteiten zijn om te tanken;
- ziekenhuizen en zeker de traumacentra beschikken over een 24 uurs helicopterlandingsplaats;
- de locaties waar helicopters gestald zijn optimaal zijn uitgerust om te voorkomen dat er extra vertraging ontstaat;
- Traumacentra samen met MAA/ANWB hiervoor samen plannen ontwikkelen.
Lees hier het hele rapport




Reacties